19 december, een dag om nooit meer te vergeten..

Vandaag, op 19 december, kwam ik 43 jaar geleden met nog twee meisjes naar Nederland. Met mijn kleine voetjes stapte ik op de koude grond van de Nederlandse bodem. Het was hier hartje winter en bijna kerst. Daar stond ik dan in mijn zomerjurkje en een blauw jasje aan, met een jute tas in mijn hand (waar een autootje, een blauwe kam en een lepeltje in zaten).

Ik huilde en schreeuwde bij het uitstappen van het vliegtuig. Doordat ik waarschijnlijk ouder was dan de in mijn paspoort aangegeven geboortedatum (18 november 1971), besefte ik heel goed wat er allemaal met me gebeurde. Ik kwam in een vreemd land met allemaal vreemde witte mensen! Mijn voetsporen vanuit Bangladesh werden gewist, om plaats te maken voor nieuwe voetsporen hier in Nederland. Voor een nieuw leven, mijn tweede leven!

Op Schiphol werden we begeleid naar een aparte ruimte, waar onze nieuwe familie ons stonden op te wachten. Ik werd opgetild door een vreemde vrouw, die mijn nieuwe moeder moest worden. Ik was boos, verdrietig en ik schreeuwde dat ik niet wilde. Ik wilde niets van deze nieuwe moeder hebben. Als troost kreeg ik een bruine pop. Doordat ik zó boos was, gooide ik de pop op de grond. De ledematen en hoofd sprongen van de pop af. Ik wilde geen pop, ik wilde hier niet zijn. Het enige wat ik wilde, was terug naar huis, naar mijn eigen moeder en familie! Deze mensen waren voor mij vreemd. Er werden groepsfoto’s gemaakt met de drie families bij elkaar en nog eentje van het eigen gezin. Ik klampte me tijdens de fotosessie vast aan Grace Samson, onze reisbegeleidster en liet haar niet zo snel meer los. Toen ze daarna mijn hand los liet en wegging, was ik intens verdrietig en voelde ik mij weer in de steek gelaten. Mijn Bengaals zomerjurkje werd verruild voor Nederlandse winterkleren.

Met de auto gingen we op weg naar mijn nieuwe huis. In de auto voelde ik allemaal vreemde ogen op mij gericht en iedereen zat allemaal maar wat tegen me aan te praten, waar ik helemaal niets van begreep. Door de lange reis die ik heb gehad, de boosheid en het vele verdriet dat ik op dat moment voelde, was ik van moeheid in een diepe slaap gevallen. Ik werd pas wakker bij mijn nieuwe huis, in Sint Maarten (Noord-Holland).
Mijn leven met mijn nieuwe vader, moeder en mijn twee broers waren inmiddels begonnen. Ik kwam in een echt huis te wonen. Ik kreeg een eigen slaapkamer, met een eigen bed en warme dekens. Ik hoefde niet meer op een koude grond te slapen.

Een paar jaar geleden vroeg mijn jongste zoon opeens; ´Mama, waar ben jij ook alweer geboren? In Bangladesh, zeg ik. O ja, zegt hij tegen een vriendje, waar hij opdat moment mee was. Mijn moeder is in Bangladesh geboren en weet je waarom mijn moeder zo bruin is? Door de zon! Zegt het vriendje. Nee, zegt mijn zoontje en moest lachen. Ze is zo bruin geboren! Alle meisjes zijn daar bruin geboren.
En weet je wat niet zo leuk is in Bangladesh? Dat je daar op de grond moet slapen. Daarom ging mijn moeder verhuizen naar Nederland!